Column – Frits Spits

Ik ben een radioman. Telkens weer kom ik er achter dat ik het liefste radio maak. Met dank aan Frits Spits. Voor de jongere lezer: toen NPO3 nog gewoon Hilversum 3 heette, was daar lange tijd Frits Spits. Hij maakte zijn programma de Avondspits elke werkdag van 18.00 tot 19.00 uur. De liefde voor radio en muziek kwam zo je huiskamer binnen. En Frits had allerlei geinige spelletjes zoals de poplimerick. Volgens rijmschema a-a-b-b-a met een plaatsnaam er in, vroegen luisteraars een nummer aan. Frits was eigenlijk Neerlandicus en dat kon je op een prettige manier een beetje horen. Ik verdenk Frits er van dat ik later dankzij hem radioverslaggever ben geworden. De overtreffende trap van radio maken is live radio maken. Wat je ogen zien, vertelt je mond en dat op een begrijpelijke en enthousiaste manier. Daarom is sportverslaggeving zo leuk. Je weet niet wat er gaat gebeuren en dat is eigenlijk heel prettig. En als die goal dan valt in die kampioenswedstrijd dan mag ik dat aan de luisteraar vertellen. Leve de radio. Om professioneel bij de radio een baan te krijgen, ben ik ooit begonnen met een baan die niemand wilde. Ik was nieuwslezer/redacteur/regisseur bij het nieuwsprogramma in de vroege ochtend. Ik ging half 4 mijn bed uit zodat ik om 5 uur kon beginnen. Buiten was het donker, binnen zaten een presentator, een technicus en ik programma te maken in een verder leeg gebouw. Heerlijk. Leve de radio. Zelfs mijn kinderen zijn een gevolg van de radio. Ik heb namelijk mijn vrouw leren kennen bij Radio West. Zelfs om 5 uur ’s ochtends vonden we elkaar leuk, nou dan weet je dat het goed zit. Leve de radio, of had ik dat al gemeld? Het radio luisteren is niet aan slijtage onderhevig. Al jaren luistert de Nederlander 180 minuten per dag radio. Dat radio luisteren populair blijft, heeft vooral met muziekzenders te maken. Radio waar informatie en nieuws worden geboden, heeft maar een marktaandeel van 7,4 % (radio 1 en BNR). Bij Bo moeten de informatieve programma’s luisteraars trekken, de muziekprogramma’s moeten de luisteraars vast houden. Totaal 30 radioprogramma’s, voor iedereen. Toch scoor je er als omroep minder punten mee dan met tv/filmpjes. Mijn kinderen kijken op hun mobiele telefoon filmpjes. Op Facebook staan filmpjes, op Twitter staan filmpjes, youtuben is een werkwoord, vloggen is vet of zo. Daarom moet Bo TV maken en online zich ook richten op filmpjes. We moeten een volwaardige tv-omroep worden. Dat kost geld en tv-maken is arbeidsintensief. We groeien als tv-omroep, maar langzaam, eigenlijk te langzaam. Zou dat nou komen dat ik tv-maken toch nog steeds een beetje ervaar als vreemd gaan? Nee, tv maken pakken we serieus aan. Maar ja, die eerste liefde.

Ard Zandbergen
Hoofdredacteur Bo

Deze Columns zijn eerder gepubliceerd in vier edities van Uitgeverij Verhagen.
Noordwijkerhouts Weekblad, De Teylinger, Lisser Nieuws en De Hillegommer