
Warmond – Na een half jaar in het drukke Utrechtse studentenleven is Finn de Winter (22) weer even terug op het oude nest. Op natuureiland Koudenhoorn blikt hij terug op zijn jeugdige avonturen in het dorp. Tegenwoordig is Warmond de plek waar hij ‘s weekends even op adem komt, al merkt hij ook wat onrust.
Twintig in Teylingen
In de zomerserie Twintig in Teylingen gaat de Bollenstreek Omroep in gesprek met twintigers uit de gemeente Teylingen. Ze vertellen over hun jeugd, wat ze nu in Teylingen doen en wat hun dromen voor de toekomst zijn. De serie is gemaakt naar aanleiding van het 20-jarige jubileum van de gemeente.
‘In Utrecht heb ik het leukste half jaar van mijn leven gehad. Ik heb altijd gezegd dat ik niet in de stad wilde wonen, maar daar kom ik nu op terug. Ik dacht dat een stad misschien te veel zou zijn, omdat ik uit Warmond kom. Maar in Utrecht zijn er zoveel mogelijkheden, er gebeuren elke keer nieuwe dingen en je kan telkens nieuwe gebieden ontdekken. Daar haal ik echt energie uit.
Nu ik weer terug ben in Warmond, kan ik het dorp wel wat meer waarderen. Als je hier woont, neem je het veel meer voor lief. Maar als ik hier nu rondloop, zie ik dat Warmond gewoon een heel mooi dorp is.’
Koudenhoorn
‘De tijd op de basisschool was voor m’n gevoel echt mijn ‘prime’. In de zomer waren we veel op Koudenhoorn. Op woensdagmiddag waren we om half één klaar met school en op een zonnige dag gingen we dan hier naar het strand. We voetbalden en zwommen in ’t Joppe óf we waren bij de steiger aan het water. Hier aan het strand is alles best wel ondiep, maar van die steiger kon je echt afduiken.
Ik herinner me ook de snackbar. Daar stond je dan, met een euromuntje van je ouders in de hand, om een ijsje te halen. Het was een wat goor, aftands tentje waarvan je (bij wijze van spreken) nu nog de afdrukken kan zien op de plekken waar dat gebouw zat. Tegenwoordig zou zoiets niet meer door de autoriteiten worden goedgekeurd, denk ik.’
De dorpskern
‘In die tijd was Warmond wel wat meer een dorpskern, iedereen kende elkaar. Gevoelsmatig waren we één grote vriendengroep. Nu is dat voor mijn gevoel een stuk minder, maar misschien komt dat ook omdat ik wat ouder ben en omdat er meer inwoners zijn. Er zijn wat meer mensen van buitenaf en wat minder Warmonders.
Die kern van de Warmondse identiteit wordt er wel uitgehaald, merk ik bij mezelf en bij mijn vrienden. Kijk bijvoorbeeld naar de Kaagweek, daar keken we ieder jaar heel erg naar uit. Tijdens corona werd het, logischerwijs, afgelast. Maar nu is de vergunning ingetrokken voor Park Leerust, echt dé plek waar altijd Kaagweek was.
Afgelopen editie was bij de Gemeentehaven, daar haal je dan wel een beetje de kern eruit. Hoewel ik er zelf niet was, hoorde ik van vrienden dat het veel minder was dan vroeger. Terwijl dit soort evenementen juist belangrijk zijn om de verbinding met elkaar te behouden, zeker onder jongeren. Als die evenementen wegvallen, dan wordt de verbinding ook steeds minder. Op de lange termijn ga je daar natuurlijk wel wat van merken.’
Onrust
‘Ik merk ook vaker onrust in het dorp. Laatst weer met dat bord: ‘Make Warmond White Again’. Daar word ik echt woedend van, ik vind het echt vreselijk. Ik heb zelf ook vrij rechtse standpunten, dus degene die dit doet, doet dat waarschijnlijk vanuit dezelfde standpunten. Maar dit helpt echt niets. Het zorgt alleen maar voor onrust, het verpest Warmond.
Ik heb veel nagedacht over waarom dit gebeurt. Ik wil mensen graag begrijpen en snappen waarom ze bepaalde dingen doen, maar ik ben er nog niet uit. Je zou misschien kunnen zeggen dat er een deel verveling in zit, maar dat zou zoiets niet goed moeten praten.
Zelf merk ik die verveling ook: er is in het dorp bijzonder weinig te doen voor jongeren. In het weekend of in de avonden is er gewoon echt niks. Eén stamkroeg waar jongeren elkaar kunnen vinden, dat zou al veel goeds kunnen doen.’
Toekomst
‘Welke rol Warmond voor mij in de toekomst gaat spelen, weet ik nog niet. Eerst ga ik in oktober op reis met mijn vader. We gaan van het noordelijkste naar het zuidelijkste puntje van Nieuw-Zeeland wandelen. Die tocht is ruim drieduizend kilometer lang, wandelaars doen daar gemiddeld drie tot zes maanden over. Daarna gaan we nog naar Australië met de camper.
Ik ben sowieso wel avontuurlijk ingesteld. Na mijn middelbare school, aan het Rijnlands Lyceum in Sassenheim, ben ik drie maanden in Australië geweest. Toen al had ik de neiging om ver van huis te gaan, dingen te ontdekken en mezelf daarin uit te dagen.
Warmond is in dat opzicht precies het tegenovergestelde. Alles is hier duidelijk, er zijn geen grote ontwikkelingen. Als je een drukke week hebt gehad, dan kun je hier wel lekker tot rust komen. Het is een veilige, vertrouwde plek om even je hoofd op orde te krijgen.’






















