Foto ter illustratie: Pixabay.

Gemeenten in Holland Rijnland werken aan een herijkte regiovisie voor specialistische jeugdhulp. De nieuwe koers volgt uit landelijke wetgeving die regionale samenwerking verplicht. Doel is om kinderen en gezinnen sneller passende hulp te bieden, in een stelsel dat al jaren onder zware druk staat.

De ambities waren helder toen de jeugdhulpregio Holland Rijnland in december 2021 de regiovisie ‘Samen voor de jeugd’ presenteerde. Gemeenten spraken af intensiever samen te werken, binnen en buiten de regio, om kinderen tijdig de juiste hulp te bieden. Vier jaar later is de conclusie echter dat die ambitie nog niet is waargemaakt.

Wachtlijsten zijn langer geworden, de problematiek complexer. Gezinnen moeten soms maanden wachten op passende zorg en hulpverleners ervaren een stelsel dat versnipperd en moeilijk uitvoerbaar is. Tegen die achtergrond werken de gemeenten nu aan een herijkte regiovisie.

Aanleiding is de nieuwe Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg, die op 1 januari 2026 in werking is getreden. Die wet dwingt gemeenten om regionaal afspraken te maken over specialistische jeugdhulp. Niet vrijblijvend, maar vastgelegd in een regiovisie die door alle gemeenteraden moet worden vastgesteld. Hillegom heeft net als Lisse en Teylingen inmiddels een zienswijze klaar.

De herijking bouwt voort op het werk van de bestuurlijke Taskforce Jeugdhulp Holland Rijnland, die in 2024 werd ingesteld. Onderzoek door bureau KokxdeVoogd bracht zeventien structurele knelpunten aan het licht. Daaruit volgden vijf bestuurlijke uitgangspunten waaraan het toekomstige jeugdhulpstelsel moet voldoen.

Een belangrijk spanningsveld is de verdeling tussen regionale regie en lokale uitvoering. VVD-commissielid Aleid Ringelberg vroeg zich af waar precies de scheidslijn komt te liggen. Jongeren mogen niet tussen wal en schip belanden, waarschuwde zij.

Ook Kevin van Eeuwijk van GroenLinks benadrukte dat hulp zo lokaal mogelijk moet worden georganiseerd waar mogelijk. Lokale jeugdteams kennen de kinderen, de wijken en de gezinnen, stelde hij. Tegelijkertijd is specialistische jeugdzorg volgens hem bij uitstek iets dat regionaal moet worden geregeld, omdat die zorg te complex is om per gemeente te organiseren.

Meerdere fracties maken zich zorgen over de belasting van lokale jeugdteams. Jeroen Nederpelt van BBH sprak zijn zorg uit over de hoge verwachtingen die in de visie worden gewekt. Begrippen als kortere wachttijden en minder instroom in specialistische zorg betekenen volgens hem dat er veel extra druk komt te liggen op lokale jeugdteams. Hij vroeg concreet wat dit betekent voor scholen, maatschappelijke voorzieningen en verenigingen.

Ook Hans Cornet Hart voor Hillegom wees erop dat een visie op papier geen garantie is voor betere hulp in de praktijk. “Dat hangt af van samenwerking, voldoende mensen en voldoende middelen”, aldus Cornet. Hij waarschuwde bovendien dat lokale teams nu al onder grote druk staan.

Het grootste pijnpunt blijft de financiën. De raad vraagt zich af hoe de ambities betaalbaar blijven, nu de kosten voor jeugdzorg al jaren stijgen. Mooie woorden over kortere wachttijden en betere samenwerking zijn geen garantie voor lagere uitgaven, waarschuwen meerdere fracties.

“Hoe blijven de plannen betaalbaar?” vraagt Cornet zich af. Ook CDA, VVD en Bloeiend Hillegom zijn kritisch over de financiële haalbaarheid.

Voor Mark Lokhorst van D66 ligt de focus echter te veel op betaalbaarheid en te weinig op monitoring en de samenhang tussen regionaal beleid en lokale teams. Die elementen zouden sterker verankerd moeten worden.

Wethouder Jan van Rijn ging uitgebreid in op de financiële zorgen die in de raad leven. Jeugdzorg is volgens hem een zogenoemde open-einderegeling: elk kind dat zorg nodig heeft, moet die krijgen, ongeacht de kosten. Maar door stijgende aantallen en oplopende loonkosten groeien de uitgaven sneller dan gemeenten kunnen bijbenen.

Volgens de wethouder is het vaststellen van de visie een noodzakelijke eerste stap, waarna pas concrete plannen kunnen worden uitgewerkt. Wel kondigt hij alvast een maatregel aan. Namelijk het aanstellen van schoolmaatschappelijk werkers op basisscholen, als onderdeel van het versterken van het lokale voorveld.

Naar aanleiding van de vragen van Lokhorst gaf de wethouder aan dat de zienswijze zal worden aangepast. Met een amendement worden de taken en verantwoordelijkheden van de lokale jeugdteams explicieter opgenomen.

Daarmee zijn niet alle zorgen weggenomen en de herijkte regiovisie blijft dan ook een bespreekstuk in de raad. Op 12 februari neemt de gemeenteraad een besluit.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in