Foto: Johanna Oskam

Hillegom/Lisse – Alleen een uitgedroogd waterreservoir aan de Dnjepr-rivier scheidt ‘haar’ Nikopol nog van Russische bezetting. Via sociale media ziet Taisiya Dovbysh hoe de stad stukje bij beetje wordt verwoest door aanvallende drones. Toen de bombardementen een paar weken na het begin van de oorlog begonnen, vluchtte ze met haar zoontje naar Nederland. In Hillegom probeert ze haar leven weer op te bouwen.

Vluchtelingen in de Bollenstreek
Tot en met 20 juni publiceert de Bollenstreek Omroep iedere zaterdag een portret van iemand die vanwege oorlog, armoede, onderdrukking of ander geweld naar Nederland is gevlucht. De serie wordt gemaakt in aanloop naar de Dag van de Vluchteling (20 juni 2026). Om een gezicht te geven aan de vluchtelingen die wonen in de Bollenstreek.

Het verblijf van Taisiya en haar zoontje aan de Stationsweg is precies groot genoeg voor twee personen. Haar zoon heeft een eigen kamertje, met een bureau en computer waarop hij fanatiek aan het gamen is. Taisiya zelf slaapt nog op twee opgestapelde matrassen in de woonkamer, maar een slaapbank is besteld. Een dun houten scherm scheidt haar slaapplek van een klein keukentje en tegen de muur staat de eettafel met net genoeg plek voor twee borden. 

Een paar weken geleden verhuisden ze van de oude basisschool de Leerwinkel naar tijdelijke flexwoningen achter het Huis van Sport. Hier komt ze eindelijk weer tot rust. ‘Als het zo doorgaat, dan kan ik van de zomer misschien wel op zoek naar een baan’, zegt Taisiya opgelucht terwijl ze een kopje thee zet. Na vier jaar oorlog in haar thuisland, was ze daar de afgelopen tijd nog niet klaar voor. 

Zijn moeder wordt gebombardeerd door de Russen, zijn kind is gevlucht voor de oorlog. Hoe kan je dan nog zeggen dat Rusland bezig is met een goede missie?

Taisiya over haar ex-man die in 2015 overstapte naar Rusland

Drones

Taisiya is kort na het begin van de grootschalige invasie van Rusland naar Nederland gevlucht. Ze komt uit Nikopol, voorheen een toeristisch stadje in het zuidoosten van Oekraïne. Het lag aan een groot waterreservoir aan de Dnjepr-rivier, totdat de Russen in juni 2023 een belangrijke dam opbliezen. Al het water stroomde met een noodvaart weg, wat zorgde voor grote overstromingen in het zuiden van Oekraïne en een nijpend drinkwater tekort in Nikopol. Een groot deel van het reservoir droogde op en is ondertussen teruggekeerd naar de natuurlijke staat. In plaats van vissen, banjeren er nu verschillende zoogdieren door het voormalige stuwmeer.

Nikopol ligt ook nog eens schuin tegenover het plaatsje Enerhodar, waar de grootste kerncentrale van Europa staat. Dat was strategisch gezien dus een belangrijke plek die de Russen in de eerste maand van de invasie van 2022 al bezetten. Het gevolg voor de stad van Taisiya is een constante stroom van Russische drone-aanvallen. Ze vertelt: ‘De situatie op dit moment is vreselijk. Op een dag kunnen er in Nikopol wel dertig aanvallen zijn. Het is heel moeilijk om mijn stad zo te zien. Mijn schoonmoeder en oom zijn er nog steeds, bijna iedere dag hebben we contact. Ze zijn allebei zestig, weet je, ze willen daar gewoon niet meer weg. 

Wij zullen dat nooit begrijpen. Ik heb ze aangeboden om ze te helpen om op z’n minst naar een veiligere plek in Oekraïne te gaan, maar ook dat willen ze niet. Soms slaapt mijn schoonmoeder drie nachten achter elkaar in een schuilkelder omdat het te gevaarlijk is. Zeker ‘s nachts. Ik denk dat ze er inmiddels gewend aan is, na vier jaar oorlog.’

De schoonmoeder van Taisiya is de moeder van haar ex-man, waar ze al langer niet meer mee samen is. Hij zat in het Oekraïense leger, maar in de strijd om schiereiland de Krim in 2014 koos hij de kant van de Russen. ‘We hebben nog wel contact omdat we een kind hebben’, vertelt ze. ‘Maar we hebben het niet over de oorlog. Als hij daarover begint dan zeg ik dat hij zijn mond moet houden. Zijn moeder wordt letterlijk gebombardeerd door de Russen, zijn kind is gevlucht voor de oorlog. Hoe kan je dan nog zeggen dat Rusland bezig is met een goede missie?’

Nieuwe wimpers

Voor haar, en vele andere Oekraïners, is de bezetting van de Krim dan ook het startpunt van de oorlog. ‘Niemand wist wat de volgende stap van de Russen zou zijn. Pas in januari 2022, deden de geruchten de ronde dat ze die nieuwe stap wilden gaan zetten. Ik kende veel mensen in het leger die allemaal zeiden dat er niets aan de hand was, toch kwamen er steeds meer signalen. 

Er kwam een foto naar buiten met veel Russische militairen bij de grens met Belarus en vlak voor het begin van de oorlog kreeg mijn zus een belletje van een vriend uit Frankrijk. Hij vertelde haar dat er iets op het punt stond te gebeuren in Oekraïne, alle ministers werden namelijk onmiddellijk teruggeroepen naar Parijs. We belden naar onze vrienden in het leger en zij bevestigden ons beeld. Een paar dagen later begon de oorlog. 

In het begin dacht ik er niet aan om weg te gaan. De eerste vier, vijf dagen van de oorlog werd mijn stad ook nog niet zo hard geraakt. Natuurlijk hoorden we de bombardementen en zijn we tijdelijk naar een kleiner dorp verhuisd, maar na een paar dagen openden sommige mensen weer hun winkels. Ik werkte in een beautysalon en mijn klanten wilden weer nieuwe wimpers en behandelingen. Ons leven ging gewoon verder. Natuurlijk werden we bang door het luchtalarm dat iedere twintig of dertig minuten afging, maar verder was het best kalm.’

Foto: Johanna Oskam

Laan van Rijckevorsel

‘Toch begon Rusland op een gegeven moment met het bombarderen van Nikopol vanaf de andere kant van de rivier. Ik hoorde mijn appartement schudden en we gingen ‘s nachts naar de schuilkelder. Het was heel gevaarlijk. De ex-man van mijn zus regelde treinkaartjes voor ons om met haar dochter en mijn zoon naar de andere kant van Oekraïne te gaan, naar Lviv. Dat is een stad dichtbij de grens met Polen. 

Een vriendin wachtte op ons in Nederland. Ze vertelde dat het een goed land was omdat de kinderen hier gelijk naar school konden. Verder hadden we niet echt een plan, we gingen gewoon. Via Polen zijn we naar Berlijn gereisd en daarna naar Utrecht. Ik weet nog goed dat we moesten rennen op Utrecht Centraal omdat we twee minuten hadden om over te stappen. Altijd als we over dat moment praten, moet ik lachen. Het was een grote chaos, we waren verdwaald in een vreemd land.

Onze reis eindigde in Den Haag, waar we ons registreerden bij de Broodfabriek in Rijswijk. Die nacht sliepen we in een opvanglocatie in Alphen aan den Rijn. De volgende ochtend vertelde een vrouw: We hebben een plek voor jullie gevonden, jullie gaan in Lisse wonen. Het was een groot huis aan de Laan van Rijckevorsel dat beschikbaar werd gesteld door een familie die Oekraïense mensen wilde helpen. We woonden daar met tien andere Oekraïners en iedereen had zijn eigen kamer. Dat was heel fijn, met die familie zijn we nog steeds bevriend.’

Speciale status Oekraïense vluchtelingen
Oekraïners die in Nederland worden opgevangen hebben geen officiële status als vluchteling. Ze vallen onder de Europese Richtlijn Tijdelijke Bescherming Oekraïne. Door die richtlijn hebben Oekraïense ontheemden recht op opvang, medische zorg, onderwijs voor minderjarigen en het geeft de mogelijkheid om te werken. Vanaf volgend jaar, 4 maart 2027 (vijf jaar na het begin van de oorlog), vervalt deze regeling. Wat er dan met de opvang van de Oekraïners gebeurt, moet het komende jaar duidelijk worden.

Mijn drie besties zijn allemaal rond de tachtig jaar

Taisiya over haar Nederlandse vriendinnen

De basisschool

‘We kregen sowieso een warm welkom van de Nederlanders. Niet alleen dat het huis beschikbaar werd gesteld, maar ook buurtbewoners vroegen of we iets nodig hadden. Soms deed ik de deur open en stond er een tas met boodschappen, speelgoed of kleding voor de deur. Dat gaf me het gevoel: Het is goed hier.

Ik vond het in eerste instantie best moeilijk dat we na tien maanden van Lisse naar Hillegom verhuisden. In het huis in Lisse hadden we onze eigen kamer, maar in Hillegom sliep ik met mijn zus en haar dochter op één kamer. We hadden één grote keuken die we moesten delen met veertig mensen. 

Maar er waren ook goede dingen aan de school. De kinderen hadden een enorme plek om buiten te spelen en we leefden met veel mensen uit verschillende delen van Oekraïne. Iedereen heeft zijn eigen verhaal uit de oorlog. En als je die verhalen hoort, steun je elkaar. Ik ben heel blij dat we met z’n allen zijn verhuisd en nog steeds samen wonen.’ 

Besties

‘Gelukkig heb ik hier in Nederland ook veel nieuwe mensen leren kennen. Mijn drie besties zijn allemaal rond de tachtig jaar. Ze kwamen bij ons aankloppen in Lisse. Ze hebben ons heel erg geholpen bij het vinden van spullen. Nu hebben we een traditie; elke verjaardag van Marianne, Carlie, Nel of van mij gaan we lunchen.

Naar Oekraïne ga ik pas als de oorlog voorbij is en ik weet dat Rusland ons niet weer gaat aanvallen. Ik hoop dat de oorlog binnenkort eindigt, want het kan zo ook niet langer. Er zijn niet meer genoeg mensen om ons land te beschermen. Veel mannen zijn al gestorven, andere mannen zijn het land uitgevlucht, de rest is of te jong of te oud voor het leger. 

Ik hoop dat Rusland helemaal uit ons land vertrekt. Dat ze alle delen die ze nu bezetten, verlaten. Dat zou het beste zijn. Andere opties zijn ook goed, als ze maar stoppen met bombarderen. Het is zo moeilijk om te zien hoeveel onschuldige burgers er doodgaan door de oorlog.’

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in